Treffen in het engels

Vertaling: treffen, Woordenboek: nederlands » engels

Brontaal:
nederlands
Doeltaal:
engels
Vertalingen:
conflict, achieve, battle, make, gain, affect, engagement, touch, scuffle, displace, impact, accomplish, fight, hit, attain, find, take, strike, meet
Treffen in het engels
Verwante woorden
Andere Talen

Synoniemen & Vertalingen: treffen

hit
  • raken
  • slaan
  • stommelen
  • treffen
  • grijpen
  • gissen
find
  • vinden
  • bevinden
  • ondervinden
  • bemerken
  • aantreffen
  • treffen
take
  • nemen
  • begrijpen
  • innemen
  • in behandeling nemen
  • meenemen
  • treffen
catch
  • vangen
  • halen
  • pakken
  • inhalen
  • opvangen
  • treffen
smite
  • slaan
  • smijten
  • verslaan
  • botsen
  • treffen
  • kastijden
touch
  • aanraken
  • beroeren
  • aanroeren
  • treffen
  • spelen
  • ontvangen
battle
  • strijden
  • vechten
  • slag leveren
  • treffen
effect
  • uitwerken
  • teweegbrengen
  • uitvoeren
  • ten uitvoer leggen
  • tot stand brengen
  • treffen
strike
  • slaan
  • toeslaan
  • treffen
  • een slag geven
  • opvallen
  • stoten
impinge
  • botsen
  • stoten
  • raken
  • treffen
scuffle
  • vechten
  • plukharen
  • bakkeleien
  • elkaar afrossen
  • treffen
touch on
  • treffen
drop across
  • ontmoeten
  • treffen
strike home
  • treffen
  • raken

Verwante woorden: treffen

betalingsregeling treffen, harley treffen, regeling treffen, treffen antoniemen, treffen arnhem, treffen talen woordenboek engels, treffen in het engels

Vertalingen

  • treeplank in het engels - stair, rung, footboard, step, running board, foot board
  • tref in het engels - luck, fortune, hazard, chance, hit, more, target, ...
  • treincoupé in het engels - compartment, train compartment, train compartments, railway carriage
  • treiteren in het engels - torment, nag, plague, harass, taunting
Willekeurige woorden
Treffen in het engels - Woordenboek: nederlands » engels
Vertalingen: conflict, achieve, battle, make, gain, affect, engagement, touch, scuffle, displace, impact, accomplish, fight, hit, attain, find, take, strike, meet